vrijdag 28 november 2014

De toekomst van het Belgische schaatsen



Team Stressless: van een Belgische schaatsploeg naar een internationaal team met Nederlandse omkadering. (Foto: teamstressless.com)


Op de voorbije wereldbekerwedstrijden langebaan in Azië presteerden Bart Swings en vooral ook Jelena Peeters (altijd wat in de schaduw van Swings) opnieuw op een hoog niveau. Helaas moeten we vaststellen dat het Belgische langebaanschaatsen in het nieuwe seizoen 2014-'15 opnieuw een paar stappen achteruit heeft gezet in vergelijking met vorig jaar. Hoe goed Peeters en Swings komend seizoen ook zullen presteren, na hen gaapt opnieuw de grote leegte. Team Stressless was vorig jaar nog een schaatsploeg met een bijna volledig Belgische entourage. Daar blijft weinig van over. Stressless is nu een team met internationale schaatsers en een volledig Nederlandse omkadering. Bart Swings is nog het enige Belgische kantje aan deze ploeg.

Voor Swings zelfs is het een positieve ontwikkeling: hij kan nog beter zijn ding doen in een sterk team. Voor het Belgische schaatsen is het jammer. Alle omkadering voor de andere schaatsende Belgen is opnieuw verdwenen. Maarten Swings, Ferre Spruyt en Wannes Van Praet zijn voorlopig (?) niet meer actief op het ijs en van de Belgische achtervolgingsploeg is er geen sprake meer. Ook onze grootste belofte, junior Quinten Vandesande, haakt grotendeels af en richt zich op het free style schaatsen. Vorig jaar trainde Vandesande nog enkele keren mee met het Belgische team Stressless.

Samenwerking

Bij de pakken blijven zitten, is het laatste wat we als schaatsers moeten doen. Als we het Belgische snelschaatsen definitief op de kaart willen zetten, moeten we werken vanuit de basis. Er moet een instroom komen van jeugd en de discplines shorttrack, langebaan en skeeleren moeten nauw samenwerken. Ook bij Bloso moet het besef groeien dat het niet volstaat om een paar atleten die zich zelf al tot de (sub)top opgewerkt hebben wat geld toe te stoppen om de schaatssport in ons land te laten groeien. Ook zij moeten meer werken van onderuit. Het uitroepen van de wintersporten tot "Sport van het jaar 2014" was alvast een stap in de goede richting.

Vierhonderdmeterbaan

Daarnaast is er dringend bijkomende infrastructuur nodig. Onze beste schaatsers uit West- en Oost-Vlaanderen trainen wekelijks op de vierhonderdmeterbaan in Breda. Op zich is die verplaatsing al een hele trip. Door de toenemende files rond Antwerpen en Gent staan zij, op weg naar de training, ook nog eens meer en meer vast in het verkeer. Alles behalve ideale omstandigheden voor een sporter die op  niveau wil presteren. Voor onze jeugd zijn die trainingstrips naar Nederland al helemaal onbegonnen werk. We kunnen er niet om heen: een eigen vierhonderdmeterbaan in Vlaanderen is de enige manier om het langebaanschaatsen hier opnieuw van de grond te krijgen. Ik schrijf bewust "opnieuw", want schaatsen is weldegelijk een oeroude Vlaamse volkssport. Dat blijkt elke keer opnieuw als er tijdens een strenge winter nog eens natuurijs ligt en de Vlamingen massaal de schaatsen van de zolder halen.

Niemand verwacht dat Bloso of een andere overheidsinstantie zélf een vierhondermeterbaan aanlegt en onderhoudt. Daar hebben ze het geld noch de kennis voor. Maar van een instantie als Bloso mogen we wel verwachten dat ze de noodzaak erkent van een vierhonderdmeterbaan om het schaatsen in Vlaanderen van de grond te krijgen. De clubs, schaatsfederatie, Bloso, BOIC, (lokale) overheden én privé-investeerders zullen samen moeten zitten. Samenwerking op al deze niveaus biedt misschien een waterkansje op een eigen volwaardige ijsbaan. Als we onze jeugd kunnen opleiden op een eigen baan, zal snel blijken dat Swings en Peeters geen uitzonderingen zijn en dat het schaatsen ook óns in de genen zit.

Kouder, maar grenslaag maakt verwachtingen onzeker

In grote lijnen blijft de uitgebreide bespreking van mijn vorige bijdrage gelden. Vanaf morgen gaat de temperatuur geleidelijk naar beneden met in de nacht van zaterdag op zondag op veel plaatsen in Vlaanderen al wat lichte vorst.
Begin volgende week is de kans op lichte vorst tijdens de nachten in Vlaanderen nog altijd zo'n 75 procent. De meeste berekeningen gaan er nu van uit dat de wigas (waarvan sprake in de vorige bijdrage) net ten noorden van onze omgeving blijft liggen.
Hoe hoog of hoe laag de temperatuur precies zal uitpakken, blijft in grote mate afhankelijk van eventuele mist en lage bewolking: twee meteorologische factoren die moeilijk lang op voorhand in te schatten zijn. Tijdens heldere nachten komt de -5°C binnen bereik, tijdens bewolkte nachten vriest het niet. Ontstaat er uiteindelijk mist na een heldere nacht, dan is het mogelijk dat die hele dag blijft hangen. In dat geval komt de temperatuur overdag nauwelijks boven het vriespunt uit. Schijnt de zon uitbundig, dan overschrijden we de +5°C. Komt de wigas toch iets ten zuiden van ons te liggen, dan sijpelt er zachtere zeelucht binnen en kan de temperatuur oplopen tot dicht tegen +10°C.

Het is onmogelijk om die grenslaag-factoren nu al exact in te schatten. Die onzekerheid weerspiegelt zich nog altijd in de temperatuurpluim, die vanaf maandag breed uiteen waaiert. Vertrouw niet te veel op 'apps' en andere geautomatiseerde weerbericht-toepassingen, die er voor de komende tien tot veertien dagen haast lukraak 1 van de vele mogelijke scenario's uitkiezen. Ze geven momenteel zonder meer een ongefundeerd en dus vals gevoel van zekerheid en dat al vanaf de derde dag.

De temperatuurpluim voor het zuiden van Nederland (bron: weerplaza.nl)

woensdag 26 november 2014

Evolutie naar wat kouder weer

Boven de Atlantische Oceaan zakt een trog uit, die zich de volgende dagen afsnoert tot een koude put boven de omgeving van Spanje. Een Russisch hogedrukgebied breidt zich uit naar Scandinavië. Dat heeft tot gevolg dat er bij ons een continentale stroming staat, die vanaf het weekend geleidelijk koudere lucht aanvoert. Vanaf zondag kan het 's nachts licht vriezen, de maxima dalen naar een graad of 5. 

Op de verwachtingskaart voor morgenmiddag (hieronder) zien we hoe de trog uitzakt boven de Atlantische Oceaan en al reikt tot boven Portugal en zelfs het noorden van Marokko. Daardoor ziet het Russische hogedrukgebied kans om zich uit te breiden naar het westen, richting Scandinavië. Bij ons staat er morgen een zuidoostelijke wind, maar die voert zachte lucht aan van boven Frankrijk.

De verwachte weerkaart voor morgenmiddag, met een trog die uitzakt tot boven Marokko.


Overmorgen (vrijdag) is de aangevoerde lucht nog zachter. Op 850 hPa (ongeveer 1500 meter hoogte) bedraagt de temperatuur dan 10°C. Het spreekt voor zich dat we dan geen winterweer moeten verwachten. De maxima kunnen vrijdag oplopen tot 14°C, uiterst zacht voor eind november.
Zaterdag krimpt de wind van het zuidoosten naar het oosten. Op grote hoogte is de lucht nog altijd even zacht, maar aan de grond sijpelt stilaan iets koudere lucht binnen. De maxima komen nog uit rond een graad of 10. Het is zaterdag ook zonnig en er staat weinig wind: een perfecte najaarsdag.
In de nacht van zaterdag op zondag blijft het helder en staat er nog altijd weinig wind. Het kwik daalt op veel plaatsen tot rond het vriespunt, in landelijk gebieden waarschijnlijk zelfs iets er onder. Het gaat om loutere stralingskou dicht bij de grond. Op grote hoogte blijft de lucht nog altijd erg zacht: rond +8°C op 1500 meter hoogte. We hebben met andere woorden te maken met een inversie.

Zondag kan het ochtendgrijs hardnekkig zijn, maar uiteindelijk krijgen we toch een overwegend zonnige dag. De zon is niet sterk genoeg meer om de nachtelijke afkoeling ongedaan te maken. Veel warmer dan een graad of 5 wordt het niet. In de nacht van zondag op maandag vriest het waarschijnlijk op de meeste plaatsen licht, maar de berekeningen van de weermodellen beginnen dan flink uiteen te lopen: een ruime helft gaat voor lichte vorst, een kleine helft houdt het kwik positief.

Zadelgebied

Dat de verwachtingen vanaf maandag onzeker worden, is logisch. We komen waarschijnlijk in een zadelgebied terecht: een soort niemandsland tussen twee hogedrukgebieden en twee lagedrukgebieden in. Er staat in een zadelgebied weinig stroming. Echt winters kan het niet worden, want daarvoor blijven de bovenluchten te warm. De temperatuur op 850 hPa blijft boven het vriespunt, waardoor voorlopig ook sneeuwval nog onmogelijk is. Als de wigas, die de twee hogedrukgebieden met elkaar verbindt, ten noorden van ons ligt, dan blijft het vrij koud. In dat geval vriest het 's nachts licht en liggen de maxima rond +3°C. Ligt de wigas ten zuiden van ons, dan sijpelt er vochtige zeelucht binnen en vriest het 's nachts niet. De maxima kunnen dan oplopen tot +7°C of meer.

Het ensemblegemiddelde voor dinsdag, met de temperatuur op 850 hPa.  We bevinden ons in een zadelgebied, maar de bovenluchten blijven warm. Boven Rusland ligt een groot gebied met koude bovenluchten, maar dat maakt voorlopig geen aanstalten om onze richting uit te komen.

Kansverwachting volgende week

Als we op basis van het EPS van ECMWF het weerbericht in een kansverwachting gieten, dan kunnen we zeggen dat we vanaf maandag 75 procent kans maken op lichte vorst tijdens de nacht. Het gemiddelde van de berekeningen voor de maximumtemperatuur ligt vanaf zondag rond +5°C; de kans op een ijsdag (waarbij het ook overdag blijft vriezen) ligt volgende week zo rond de 5 procent.
Met andere woorden: normaal tot hooguit iets te koud weer voor begin december. Om écht winterweer van betekenis te krijgen, moet er nog heel wat veranderen op de weerkaarten.

De pluimverwachting van ECMWF: onzekerheid vanaf maandag, maar de kans op lichte nachtvorst vanaf zondag lijkt vrij groot. (Bron: weerplaza.nl)



dinsdag 25 november 2014

Eerste vorst van 2014-'15

Soms is een kans van 20 procent toch voldoende (zie bijdrage hieronder). De voorbije nacht daalde het kwik in de thermometerhut in Drongen tot -1,0°C. Daarmee is de eerste vorstdag van het nieuwe winterhalfjaar een feit. Het begin van een echte winterinval is dit uiteraard nog niet. De volgende dagen wordt het gevoelig zachter, maar vanaf het weekend wordt de kans op licht winters weer groter, met vanaf zondag opnieuw 50 procent kans op vorst tijdens de nachten. Daarover later meer.

woensdag 19 november 2014

Zacht weekend, kans op nachtvorst slinkt

Een korte update bij het bericht hieronder. Voor komend weekend lijken de zachte opties zo goed als zeker de bovenhand te halen. De kans dat het zaterdag of zondag vriest in thermometerhut, is zo goed als onbestaande. De kans op nachtvorst begin volgende week is er nog altijd, maar is gedaald tot ongeveer 20 procent.
Tijdens het weekend komen de maxima uit tussen 12 en 15°C, dat is zelfs zeer zacht voor de tweede helft van november. Volgende week dalen ze naar waarden rond 8°C.

De koude oplossingen zijn uit het ensemble verdwenen omdat er uiteindelijk toch geen nieuwe hogedrukimpulsen komen ten westen van onze omgeving. Het Russische hogedrukgebied verliest zijn uitloper naar Scandinavië, waardoor de wind bij ons van het oosten naar het zuiden ruimt. De aangevoerde luchtmassa warmt daardoor opnieuw op.

Dit weekend stroomt op grotere hoogte (1500 meter) erg zachte lucht naar onze omgeving en dat heeft ook gevolgen voor de temperatuur aan de grond.

zondag 16 november 2014

Stilaan minder zacht, mogelijk de eerste nachtvorst

Aan het erg zachte najaarsweer lijkt nu toch stilaan een einde te komen. Ten noorden van onze omgeving stijgt de luchtdruk en dat betekent dat we geleidelijk overschakelen op een wat kouder weertype. Volgend weekend of begin volgende week kunnen we misschien zelfs de eerste vorstdag van het nieuwe winterhalfjaar inschrijven. 

Een echte westcirculatie, vaak typisch voor de herfst, ontbreekt al een tijdje op de weerkaarten. Er ligt op dit ogenblik een stevig hogedrukgebied boven Rusland, met een uitloper naar Scandinavië. De wind komt daardoor bij ons van over het continent, maar voert voorlopig wel nog een vrij zachte luchtmassa aan.
De komende dagen breidt het hogedrukgebied zich nog verder naar het westen uit, tot in de omgeving van IJsland. Depressies worden daardoor gedwongen om een zuidelijke koers te volgen en duiken onder ons door. Maar echt koud kan het ook niet worden, want het hogedrukgebied snijdt de weg af van polaire of arctische luchtmassa's.

Woensdag heeft een Russisch hogedrukgebied zich uitgebreid tot de omgeving van IJsland, maar snijdt het tegelijk nog altijd de weg af voor koude polaire of arctische luchtmassa's.


Omdat de zon deze tijd van het jaar weinig kracht heeft, begint de continentale lucht aan de grond toch langzaam af te koelen. In eerste instantie merken we daar nog weinig van. De komende dagen liggen de maxima nog in de buurt van de 10°C. De minima liggen de komende werkweek meestal tussen +3 en +5°C. Tijdens brede opklaringen kan het 's nachts of 's ochtends vroeg lichtjes vriezen aan de grond. Vorst in de thermometerhut blijft voorlopig nog uit.

Weekend
De temperatuursverwachting voor het weekend is nog onzeker. Als we naar het EPS van ECMWF kijken, zien we dat het gemiddelde van de berekeningen voor de maximumtemperatuur voor zaterdag 9°C en voor zondag 7°C bedraagt. De spreiding van de berekeningen is wel nog erg groot. Er zitten ook nog uitschieters tussen tot 15°C.
Het gemiddelde van de berekeningen voor de minimutemperatuur daalt van +3°C op zaterdag naar +1°C op zondag. Begin volgende week is de kans op nachtelijke of ochtendlijke vorst in de thermometerhut volgens ECMWF opgelopen tot 50 procent. De maxima liggen dan waarschijnlijk rond 5 of 6 graden.

De temperatuurspluim van ECMWF voor het zuiden van Nederland: de kans op vorst tijdens de nachten neemt toe vanaf zondag en ook de maxima gaan naar beneden. (Bron: weerplaza.nl)


Verdere trend
Mogelijks een graadje nachtvorst en maxima rond 5 graden: echt winterweer kunnen we dat natuurlijk nog niet noemen. Dat is ook niet zo merkwaardig: we zijn immers nog maar in de tweede helft van november. Of de afkoelende trend zich nog verder doorzet volgende week, hangt vooral af van eventuele nieuwe hogedrukimpulsen ten westen van onze omgeving, boven de Atlantische Oceaan. Als die gunstig zijn, kan dat de weg vrij maken voor beduidend koudere bovenluchten. Dat is de enige manier om deze tijd van het jaar al serieuze winterkou te krijgen.
Of dat ook gaat gebeuren, is voorlopig nog niet te zeggen, maar ongeveer de helft van de EPS-berekeningen voorziet toch een vrij koud weertype.

Enkel en alleen voor de aardigheid: de ijspluim voor het zuiden van Nederland laat op het einde van de periode zowaar al een kleine kans op een ijsvloertje zien. Maar neem dit vooral nog niet te serieus. (Bron: winterplaza.nl)

woensdag 12 november 2014

"Polar vortex": oude wijn in nieuwe zakken

Als het regent in Washington, druppelt het in Brussel. De Verenigde Staten maakten vorig jaar een vrij koude (maar zeker geen uitzonderlijke) winter mee. De lokale media ontdekten het begrip "polar vortex" en gaven hem de schuld van het koude winterweer. Sindsdien is er geen houden meer aan. De nieuwe term duikt te pas en vooral te onpas op, ook in Europa. Alhoewel: nieuwe term? Eigenlijk is het gewoon oude wijn in nieuwe zakken. Onze eigen Armand Pien had het er veertig jaar geleden al over in zijn weerberichten.

Zo ziet de semi-permanente koude put boven de poolstreek (het blauwe gebied) er meestal uit. (Bron: Wikipedia).


Waar de Amerikaanse media naar verwijzen als ze het hebben over de 'polar vortex', is een semi-permanente "koude put" in de hogere troposfeer die zich zowel boven de Noord- als boven de Zuidpool bevindt. (De echte stratoferische polar vortex is nog een heel ander fenomeen, zie daarvoor deze bijdrage van collega Karim). Deze koude put is meer uitgesproken tijdens de winter dan tijdens de zomer. Vaak ligt het gebied min of meer cirkelvormig boven de poolstreken, maar soms splitst het zich op in twee of meer gebieden. Dat gebeurde vorig jaar inderdaad boven Canada en de VS en kreeg heel wat (media)aandacht. Maar het fenomeen is al tientallen jaren bekend.


Armand Pien

Zelfs Armand Pien had het veertig jaar geleden al over wat de media nu de "polar vortex" noemen, in zijn weerbericht op de BRT, zij het onrechtstreeks. De grens van de semi-permanente koude put maakte hij in Vlaanderen wereldberoemd. Die wordt immers gevormd door de polaire straalstroom, die de polaire en subtropische luchtmassa van elkaar scheidt. Aangezien dit de enige straalstroom is die zich in onze buurt ophoudt, kortte Pien hem af tot dé straalstroom.

Mensen van mijn generatie en ouder (veertig plus dus) herinneren zich ongetwijfeld nog hoe Pien tijdens winterse periodes van de jaren tachtig van vorige eeuw de kronkelende straalstroom enthousiast met een groene stift op de weerkaart tekende. Hij wees vervolgens naar het zuiden van Europa en sprak daarbij dreigend: "Zolang de straalstroom ten zuiden van ons blijft lopen, wil de winter van geen wijken weten!"

De straalstroom was een vaste waarde op de weerkaaten van Armand Pien, getekend als een groene stippellijn. Eerst nog met een stift, later met de computer, zoals hier tijdens het weerpraatje van 13 oktober 1989. 


Ik schreef het op deze website al vaker: zolang de polaire straalstroom strak van west naar oost loopt, kan er van winterweer in West-Europa geen sprake zijn. De ene na de andere Atlantische depressie voert dan zachte zeelucht naar de Lage Landen aan. Pas als de straalstroom gaat meanderen en er zich blokkades vormen, kan de koude polaire of arctische lucht uitbreken naar onze omgeving.

Winterweer op de lange termijn?

Door de sensationele media-aandacht voor de "polar vortex", hebben ook heel wat amateur-weermannen er plots aandacht voor gekregen. Ze proberen aan de hand van weerkaarten het gedrag van de poolwervel in te schatten om daar conclusies aan te verbinden voor de lange termijn: maken we wel of geen kans op winterweer over twee, drie of vier weken? Het is een verleidelijke, maar tegelijk onzinnige bezigheid. Het ontstaan van blokkades ter hoogte van de polaire straalstroom (of het splitsen van de poolwervel, zo u wil) is een uiterst complex proces. Atmosfeermodellen bijten er zich vaak nog de tanden op stuk, zelfs op de korte termijn. Daarbij komt nog dat zo'n blokkade precies op de goede plek moet komen te liggen om bij ons voor winterweer te zorgen. Evengoed voert zo'n blokkade zachte lucht uit het zuiden aan, zoals de komende dagen bij ons het geval is. Het lukraak proberen inschatten van het gedrag van de "polar vortex" en daar conclusies aan verbinden voor de lange termijn, is dus niet meer dan nattevingerwerk.






zaterdag 8 november 2014

Tien dagen zacht najaarsweer

Het zachte najaarsweer lijkt nog zeker tien dagen te gaan aanhouden. Tot en met 18 november liggen de maxima (ruim) boven de 10 graden en de kans op nachtvorst op waarnemingshoogte is de hele periode verwaarloosbaar klein.
Depressies boven of ten westen van de Britse Eilanden blijven de hele periode zachte zeelucht naar onze omgeving sturen. De wintergrens blijft zo'n 2000 kilometer uit de buurt en situeert zich voortdurend boven midden-Scandinavië. Een vroeg wintertje hoeven we bij ons voorlopig dus niet te verwachten.
Op de kaart hieronder het ensemblegemiddelde voor zondag 16 november, met de luchtdruk op grondniveau en de temperatuur op 850 hPa (ongeveer 1500 meter hoogte).


Tijd voor een korte pauze

De komende drie weken haal ik de spanning even van de boog. Tijd voor vakantie. Vakantie in eigen huis en tuin weliswaar, maar toch zonder o...